“Magnifica Humanitas” (Grootsheid van de mensheid (of menselijkheid) – (‘Over de bescherming van de mens in het tijdperk van kunstmatige intelligentie’) is de eerste encycliek van Paus Leo XIV, ondertekend op 15 mei 2026 en gepubliceerd op 25 mei 2026. Het document plaatst de menselijke waardigheid en de roeping tot vrede centraal in de uitdagingen van onze tijd.

De encycliek richt zich op de grote transformaties van het huidige tijdperk en nodigt uit tot het bouwen aan het algemeen welzijn. Tegenover een cultuur die gekenmerkt wordt door polarisatie, geweld en toenemende conflicten, benadrukt Paus Leo XIV dat “vrede niet zomaar een kwestie onder vele is, maar een voorwaarde voor het universele algemeen welzijn en een toetssteen voor de morele volwassenheid van volkeren”.

Het document stelt bovendien kritisch vraagtekens bij de traditionele theorie van de rechtvaardige oorlog, en verkent concrete wegen waarlangs volkeren en christelijke gemeenschappen vrede kunnen bewaren en opbouwen.

Magnifica Humanitas is uitgegroeid tot een belangrijk referentiedocument: het staat op de agenda van het consistorie van juni 2026 en biedt richtlijnen voor actuele vraagstukken rond menselijkheid, conflict en samenleving.

De Encycliek is in een voorlopige werkvertaling op deze site beschikbaar.

De Paus gaf zelf een introductie van de Encycliek bij de presentatie ervan op maandag 25 mei 2026.

Er zijn enkele samenvattingen en eerste analyses beschikbaar, waaronder die van Katholiek Leven en magisterium.com.

 

 

Inhoudsopgave:

– Inleiding (1-16)
– De res novae van onze tijd (4-6)
– Twee Bijbelse beelden (7-10)
– Bouwen aan het goede (11-14)
– Mens blijven (15-16)
– Hoofdstuk één – Een dynamische benadering die trouw is aan het Evangelie (17-45)
– Een Kerk die door de menselijke geschiedenis trekt (19-27)
– De wijsheid van het Woord van God in dialoog met de menswetenschappen (23-24)
– De sociale leer als gezamenlijk onderscheidingsvermogen (25-27)
– De ontwikkeling van de sociale leer van Leo XIII tot heden (28-45)
– De eerste fasen van de sociale leer van de Kerk (29-32)
– De jaren van het Tweede Vaticaans Concilie (33-36)
– Het recente leergezag (37-44)
– De geschiedenis interpreteren in het licht van het geloof (45)
– Hoofdstuk twee – Grondslagen en beginselen van de sociale leer van de Kerk (46-90)
– De grondslagen van de sociale leer (48-58)
– De mens: beeld van de Drie-eenheid (48-50)
– De gelijke waardigheid van alle mensen (51-53)
– De hoogste waarde van de mensenrechten (54-58)
– De principes van de sociale leer (59-81)
– Het principe van het algemeen welzijn (59-64)
– Het principe van de universele bestemming van goederen (65-67)
– Het subsidiariteitsbeginsel (68-72)
– Het solidariteitsbeginsel (73-76)
– Het principe van sociale rechtvaardigheid (77-81)
– Integrale menselijke ontwikkeling (82-85)
– Een gewetensonderzoek voor de Kerk (86-89)
– Hoofdstuk drie – technologie en overheersing. De grootsheid bam de mensheid in het licht van de beloften van AI (90-130)
– Het technocratische paradigma en digitale macht (92-96)
– Kunstmatige intelligentie (97-111)
– Een waardevol hulpmiddel dat waakzaamheid vereist (100-101)
– Verantwoordelijkheid, transparantie en het beheer van AI (102-111)
– Wat niet verloren mag verloren gaan (112-126)
– Onderliggende verhalen: transhumanisme en posthumanisme (115-117)
– De beperking, het hart en de grootsheid van de menselijke persoon (118-126)
– Het authentieke ‘meer dan menselijk’: genade en christelijk humanisme (127-128)
– Twee steden en twee liefdes (129-130)
– Hoofdstuk vier – De mensheid beschermen in een tijd van transformatie. Waarheid, werk, vrijheid. (131-181)
– Waarheid als gemeenschappelijk goed (132-147)
– Waarheid en democratie (132-134)
– Communicatie en de collectieve verbeelding (135-136)
– Op weg naar een ecologie van de communicatie (137-138)
– Een onderwijsalliantie voor het digitale tijdperk (139-142)
– De centrale rol van scholen (143-147)
– De waardigheid van werk in een tijd van digitale transitie (148-169)
– De waarde van werk (148-150)
– Het probleem van de werkloosheid (151-156)
– Een economie die waardigheid hoog in het vaandel draagt (157-164)
– Gezinnen en jongeren: de sociale voorwaarden voor hoop (165-169)
– Bescherming van vrijheid tegen afhankelijkheid en commercialisering (170-179)
– Afhankelijkheid en maatschappelijke controle (170-172)
– De ketenen van nieuwe vormen van slavernij doorbreken (173-179)
– Een gedeelde verantwoordelijkheid (180-181)
– Hoofdstuk vijf – De machtscultuur en de beschaving van de liefde (182-228)
– De beschaving van de liefde in het digitale tijdperk (186-187)
– De cultuur van de macht (188-209)
– De normalisering van oorlog (189-192)
– Geweld zonder grenzen (193-196)
– Wapens en kunstmatige intelligentie (197-200)
– De crisis van het multilateralisme (201-203)
– Een zogenaamd politiek realisme (204-209)
– De opbouw van de beschaving van de liefde (210-228)
– We kunnen allemaal ons steentje bijdragen (212-213)
– De noodzaak om woorden te ontwapenen (214)
– Vrede opbouwen door gerechtigheid (215)
– Het perspectief van slachtoffers aannemen (216-217)
– Een gezond realisme cultiveren (218)
– De dialoog nieuw leven inblazen (219-223)
– De noodzaak van diplomatie en multilateralisme (224-227)
– Bidden en hopen (228)
– Conclusie (229-245)
– Het Woord is vlees geworden (230-233)
– Eén lichaam in Christus (234-235)
– De bouwplaats van onze tijd (236-242)
– Het lied van de hoop: het Magnificat (243-245)