Inhoudsopgave
- Inhoud
Dierbare broeders en zusters,
In deze laatste catechese over de Constitutie wil ik vandaag stilstaan bij de redenen waarom de concilievaders een hervorming van de liturgie wilden doorvoeren. De , die kardinaal Giovanni Battista Montini, destijds aartsbisschop van Milaan, op 28 oktober 1962 aan de gelovigen van zijn Kerk stuurde, is in dit opzicht verhelderend. De liturgie, schreef hij, "is een oprechte uitdrukking van zowel het goddelijke als het menselijke. Het is taal. Het is enerzijds een vehikel van goddelijke leer en anderzijds een stem van gesprek met God. Het is duidelijk dat zij haar didactische functie niet kan verloochenen en dat zij het geloof en de vroomheid de mogelijkheid moet bieden zich spontaan en begrijpelijk uit te drukken". Bewogen door deze overtuigingen bevestigde de toekomstige paus Paulus VI dat de gelovigen "niet langer stil en passief kunnen en mogen blijven. Hun materiële aanwezigheid is niet te verenigen met hun geestelijke afwezigheid."
Referenties naar deze alinea: 0
Geen referenties naar deze alineaExtra opties voor deze alinea
Kopieer alinea-URL naar klembord Reageer op deze alinea Deel op social media Print huidige alinea Print huidige sectie
De overeenstemming van deze verklaringen met die welke in zullen verschijnen, is evident: "Daarom geeft de Kerk zich alle zorg en moeite, dat de christengelovigen dit geheim van het geloof niet als buitenstaanders of als zwijgende toeschouwers bijwonen, maar dat zij het door de riten en gebeden goed leren begrijpen en daardoor bewust, godvruchtig en actief deelnemen aan de heilige handeling, dat zij door Gods woord onderwezen worden, zich voeden aan de tafel van 's Heren Lichaam en God dank brengen, dat zij het onbevlekt Offer opdragen niet alleen door de handen van de priester, maar ook tezamen met hem, en zo zich zelf leren offeren, dat zij eindelijk steeds meer door Christus de Middelaar uitgroeien tot een volmaakte eenheid met God en met elkaar, opdat tenslotte God alles in allen moge zijn. " Deze woorden onthullen een hernieuwd besef van de waarde van de liturgie. Door de rituele handelingen van de Kerk, als de herdenking van het heilswerk, wordt de mogelijkheid geboden om een ware relatie met God te ervaren en in contact te treden met de heilsgebeurtenis. Omdat de gebaren en woorden van de heilige liturgie doorslaggevend zijn voor de verwezenlijking van deze ervaring, kan de deelname van de gelovigen niet passief zijn.
Referenties naar deze alinea: 0
Geen referenties naar deze alineaExtra opties voor deze alinea
Kopieer alinea-URL naar klembord Reageer op deze alinea Deel op social media Print huidige alinea Print huidige sectie
De conciliaire hervorming, die datgene wat de kern van de kerkelijke ervaring vormt centraal stelde, streefde ernaar de liturgie te laten schitteren als "de H. Liturgie is de eerste bron van die gemeenschap met God, waardoor het goddelijk leven aan ons wordt medegedeeld." Uit deze overtuiging ontstond de behoefte om de rijkdom van Bijbelse teksten en gebeden toegankelijker te maken voor alle gelovigen, en om de orde van de viering te stroomlijnen ten opzichte van die in de liturgische boeken toen van kracht.
Referenties naar deze alinea: 0
Geen referenties naar deze alineaExtra opties voor deze alinea
Kopieer alinea-URL naar klembord Reageer op deze alinea Deel op social media Print huidige alinea Print huidige sectie
De liturgie is immers een levende werkelijkheid en is door de eeuwen heen altijd onderhevig geweest aan ontwikkelingen en veranderingen. Het Magisterium heeft haar vormen aangepast aan de behoeften van verschillende tijdperken. Het is daarom niet verwonderlijk dat het Tweede Vaticaans Concilie, met het grootste respect voor het erfgoed van de traditie en juist met het doel deze toegankelijker te maken, een herziening van de liturgische boeken noodzakelijk achtte.
Referenties naar deze alinea: 0
Geen referenties naar deze alineaExtra opties voor deze alinea
Kopieer alinea-URL naar klembord Reageer op deze alinea Deel op social media Print huidige alinea Print huidige sectie
Het doel dat de Vaders voor ogen hadden, wordt expliciet verwoord in : "Om het christenvolk des te zekerder te laten profiteren van de overvloed van genaden, die in de heilige liturgie te vinden is, wenst onze heilige moeder de Kerk met alle ijver een algemene vernieuwing van de liturgie door te voeren. Want de liturgie bestaat uit een onveranderlijk gedeelte, dat nl. van Godswege is ingesteld, en uit gedeelten, die aan veranderingen onderhevig zijn, en die in de loop van de tijden kunnen of zelfs moeten gewijzigd worden, als er elementen zijn ingeslopen, die minder goed beantwoorden aan de innerlijke aard van de liturgie of minder doelmatig zijn geworden." In deze hervorming moet de ordening van teksten en riten zodanig worden uitgevoerd dat de heilige werkelijkheid die zij vertegenwoordigen duidelijker tot uitdrukking komt en het christelijke volk de betekenis ervan gemakkelijker kan begrijpen en er volwaardig, actief en gezamenlijk aan kan deelnemen. Het onderscheid in de liturgie tussen goddelijke, onveranderlijke elementen en menselijke elementen gaat terug tot de encycliek van paus Pius XII, die daarentegen "verschillende wijzigingen kan ondergaan, goedgekeurd door de Heilige Hiërarchie, bijgestaan door de Heilige Geest, al naar gelang de behoeften van de tijd, de gebeurtenissen en de zielen."
Referenties naar deze alinea: 0
Geen referenties naar deze alineaExtra opties voor deze alinea
Kopieer alinea-URL naar klembord Reageer op deze alinea Deel op social media Print huidige alinea Print huidige sectie
Bovendien ontstond het verlangen naar een "algemene hervorming" niet plotseling, maar manifesteerde zich al sinds het begin van de 20e eeuw in de acties van opeenvolgende pausen, in overeenstemming met de eisen van de Liturgische Beweging. De bevestiging van de noodzaak voor gelovigen om de vieringen niet "als buitenstaanders of stomme toeschouwers" bij te wonen, was reeds opgenomen in de Apostolische Constitutie van paus Pius XI. Verder kunnen we denken aan de interventies van Pius XII met betrekking tot de ordening van de riten van de Heilige Week, die hij verplaatste naar de uren die overeenkomen met de Paasgebeurtenissen, nadat ze eeuwenlang naar de ochtenduren waren vervroegd. Ook mag niet worden vergeten dat paus Johannes XXIII het nodig achtte de rubrieken van het Breviarium en het Missaal te vereenvoudigen, wat hij goedkeurde met het Motu Proprio van 25 juli 1960, waarin hij het voorstel van de fundamentele beginselen voor een hervorming van de liturgie doorverwees naar het aangekondigde Oecumenische Concilie.
Referenties naar deze alinea: 0
Geen referenties naar deze alineaExtra opties voor deze alinea
Kopieer alinea-URL naar klembord Reageer op deze alinea Deel op social media Print huidige alinea Print huidige sectie
De liturgische hervorming die door het Tweede Vaticaans Concilie werd bevorderd, volgt daarom de levende traditie van de Kerk. Een correct begrip van deze hervorming stelt ons ook in staat om de misstanden te verwerpen die in sommige sectoren van de Kerk in het postconciliaire tijdperk voorkwamen, en die helaas soms nog steeds voorkomen, waarbij sommige beginselen die aan de hervorming ten grondslag lagen, worden geabsolutiseerd of verkeerd begrepen.
Referenties naar deze alinea: 0
Geen referenties naar deze alineaExtra opties voor deze alinea
Kopieer alinea-URL naar klembord Reageer op deze alinea Deel op social media Print huidige alinea Print huidige sectie
In dit verband is het de moeite waard te herinneren dat de Conciliaire Constitutie stelt dat "liturgische handelingen zijn geen private handelingen, maar vieringen van de Kerk, die het "sacrament van de eenheid" is, nl. het heilig volk, verenigd en geordend onder de leiding van de bisschoppen. Daarom hebben ze betrekking op heel het lichaam van de Kerk, dat erdoor gemanifesteerd wordt en er bij betrokken is."
Referenties naar deze alinea: 0
Geen referenties naar deze alineaExtra opties voor deze alinea
Kopieer alinea-URL naar klembord Reageer op deze alinea Deel op social media Print huidige alinea Print huidige sectie
Het is daarom de primaire verantwoordelijkheid van pastores, bisschoppen en ook van elke individuele priester om een liturgie te beschermen en te bevorderen die, in overeenstemming met de liturgische normen, straalt van nobele eenvoud en zo de ene, heilige, katholieke en apostolische Kerk openbaart. Zo'n liturgie zal ook een fundamenteel middel tot evangelisatie zijn, het instrument van genade waardoor we, zoals het Concilie leert, kunnen leren onszelf aan te bieden en, door de bemiddeling van Christus, volmaakt te worden in eenheid met God en met elkaar.
Referenties naar deze alinea: 0
Geen referenties naar deze alineaExtra opties voor deze alinea
Kopieer alinea-URL naar klembord Reageer op deze alinea Deel op social media Print huidige alinea Print huidige sectie
https://rkdocumenten.be/toondocument/9945-8-de-redenen-voor-de-liturgische-hervorming-nl