Paus Leo XIV 'scoort' in het voetbalstadion van Madrid
Inhoudsopgave
Uitklappen
- Documentgegevens
- Inhoud
(Vaticannews.va - Vele duizenden gelovigen kwamen op de avond van zaterdag 8 juni samen tijdens een grote geloofshappening in het Metropolitano-stadion in Madrid. De sfeer was uitbundig en hartelijk. Bij zijn toespraak maakte de paus meteen een luchtige vergelijking met het voetbal. Een doelpunt maken in dit stadion laat een blijvende indruk na, zei hij, maar volgens hem had de Kerk van Madrid die avond – zo merkte hij op terwijl hij zich tot aartsbisschop Don José richtte – een nog veel belangrijker doelpunt gescoord.
Vanuit die spontane opening ging hij over naar de kern van zijn boodschap. Deze ontmoeting noemde hij een groot loflied van het geloof. De Kerk, zo stelde hij, wordt niet gebouwd door cijfers, statistieken of structuren. Mensen hebben behoefte aan iets diepers. Zij willen samen betekenis geven aan wat zij meemaken, vreugde delen en ontdekken wat God in hun leven doet. Daarbij gebruikte hij het beeld van het zingen. Zoals verschillende stemmen samen één harmonie vormen, zo wordt ook de Kerk opgebouwd door mensen met uiteenlopende achtergronden, gevoeligheden en talenten.
De paus stond stil bij de bijzondere plaats van Madrid. Het is een stad waar verschillende culturen, tradities en vele levensverhalen samenkomen. Tegelijk worden er belangrijke beslissingen genomen die gevolgen hebben voor de toekomst van vele mensen. In zo’n omgeving krijgt de christelijke gemeenschap een bijzondere opdracht. Het Evangelie moet er zichtbaar worden als een bron van hoop voor mensen die te maken hebben met onzekerheid, ontmoediging of eenzaamheid.
Vreugde vormde een rode draad doorheen zijn toespraak. De apostelen riepen de eerste christelijke gemeenschappen voortdurend op om zich te verheugen, merkte hij op. Die vreugde is geen oppervlakkig gevoel dat komt en gaat. Zij vindt haar oorsprong in Jezus Christus. Zijn leven, dood en verrijzenis hebben de geschiedenis voorgoed veranderd. Daarbij bracht hij woorden van Paulus in herinnering: “De liefde van Christus drijft ons voort.” Die liefde houdt mensen samen, verenigt hen en zet hen aan tot engagement.
Verschillende getuigenissen - zo zei hij - die vóór zijn toespraak werden gebracht, vormden een bevestiging dat het doopsel werkelijk levens verandert. Mensen met verschillende achtergronden vinden elkaar in Christus en ontvangen van Hem nieuwe levenskracht. Wat iemand ontvangen heeft, is geen privébezit meer, maar een gave ten dienste van anderen en van het algemeen welzijn. Tegelijk benadrukte hij dat deze eenheid nooit leidt tot uniformiteit. De Kerk heeft ruimte voor verschillende stemmen en verschillende accenten.
In dat verband verwees de paus naar zijn encycliek Magnifica Humanitas[9800]. Daarin gebruikte hij de Bijbelse figuur Nehemia als voorbeeld. Zoals Nehemia het volk bijeenbracht om Jeruzalem opnieuw op te bouwen, zo worden christenen vandaag uitgenodigd om samen te bouwen aan een samenleving waarin verscheidenheid een rijkdom wordt. Volgens paus Leo XIV hoeft een veelheid van stemmen niet te leiden tot verdeeldheid of verwarring. Wanneer mensen leren luisteren naar elkaar en hun handelen richten op God, kan diversiteit uitgroeien tot een bron van gerechtigheid, broederlijkheid en gemeenschapsvorming. “Samen bouwen” en “van luisteren en dialoog een gemeenschappelijke bodem maken” zijn volgens hem onmisbare opdrachten voor onze tijd.
Een belangrijk deel van zijn toespraak ging over de relatie tussen Kerk en stad. De grote uitdaging voor christenen bestaat erin aanwezig te zijn op de plaatsen waar nieuwe ideeën, nieuwe verhalen en nieuwe culturele ontwikkelingen ontstaan. Tijdens de synodale weg heeft de Kerk geleerd aandachtiger naar elkaar te luisteren. Christenen moeten vandaag werkelijk aanwezig zijn in het hart van de samenleving, daar waar de toekomst vorm krijgt.
De paus waarschuwde ervoor zich terug te trekken in vertrouwde groepen waar altijd dezelfde stemmen klinken. Om het hart van de stad te bereiken, moet de Kerk open blijven staan voor ontmoeting.
De Kerk, zo stelde hij, moet opnieuw de geestelijke kunst van de aandacht leren beoefenen. Zonder die aandacht dreigt de verkondiging van het Evangelie een reeks woorden te worden die mensen niet meer raken. Alleen wie werkelijk luistert naar de ander, kan ook geloofwaardig spreken.
Daarna richtte paus Leo de blik opnieuw op de inwoners van Madrid. God kent ieder mens persoonlijk, zei hij. Hij kent de harten van zijn kinderen en wil dat allen gered worden. Vanuit die overtuiging wees hij naar Jezus Christus, die de menselijke geschiedenis is binnengekomen en het kwaad van de wereld op zich heeft genomen. Dat is volgens hem de kern van de Blijde Boodschap die de Kerk moet blijven verkondigen. De aanwezigheid van de Kerk in een grote stad noemde hij een teken van Gods verlangen om alle mensen te bereiken. Daarbij verwees hij naar het Bijbelboek Jona. Zoals Nineve een plaats werd waar Gods oproep weerklonk, zo blijven ook moderne steden plaatsen waar mensen kunnen openstaan voor geloof, bekering en nieuw leven. Het was volgens hem geen toeval dat de apostelen juist in de steden de eerste christelijke gemeenschappen stichtten.
Vervolgens moedigde hij de gelovigen aan om met vertrouwen naar de toekomst te kijken. “Laat niets u verontrusten en laat niets u angst aanjagen”, klonk het. Veel mensen ontdekken ook vandaag opnieuw het geloof of vinden op volwassen leeftijd voor het eerst de weg naar Christus. Dergelijke nieuwe geloofswegen mogen daarom niet als uitzonderingen worden beschouwd, maar als een normaal onderdeel van de zending van de Kerk.
Veel aandacht schonk hij ook aan de synodale werking binnen de Kerk. Parochiale en diocesane raden mogen volgens hem nooit verworden tot louter administratieve organen. Zij zijn plaatsen van luisteren, onderscheiding en gezamenlijk zoeken naar Gods wil. Wanneer mensen samen leren onderscheiden, ontstaan nieuwe vormen van broederlijkheid en solidariteit.
Ook de priesters sprak hij rechtstreeks toe. Hij nodigde hen uit om regelmatig samen met hun gelovigen stil te staan bij wat er leeft in de wijken, de cultuur en de samenleving. Dat aandachtige luisteren kan hun dienst verrijken en nieuwe moed geven. De heilige Geest werkt immers waar mensen bereid zijn samen op weg te gaan.
Tegen het einde van de toespraak keerde de paus terug naar de getuigenissen die hadden geklonken. Daarin hoorde hij hoe mensen de Kerk ervaren als een familie waarin iedereen een plaats heeft. Anderen vertelden hoe zij hun talenten zijn gaan inzetten voor de gemeenschap of hoe zij iets wilden teruggeven van de steun die zij zelf hadden ontvangen. In die verhalen hoorde hij de muziek van het Evangelie weerklinken.
Bijzonder ontroerend vond hij het getuigenis van een gezin dat vanuit Peru naar Madrid was verhuisd en zich door de christelijke gemeenschap welkom had gevoeld. Velen dragen aanvankelijk twijfels, vooroordelen of teleurstellingen met zich mee wanneer zij de Kerk naderen. Toch kan de vriendelijkheid van enkele mensen die angst doorbreken en een nieuwe weg openen.
Met een laatste oproep besloot paus Leo XIV zijn toespraak. Hij nodigde de gelovigen uit om voor anderen een open Bijbel te zijn, zodat mensen in hun leven iets van Gods Woord kunnen ontdekken. Want uiteindelijk, zo zei hij, is de liefde de taal die iedereen begrijpt en waardoor ieder mens zich thuis kan voelen.
Om RK Documenten te kunnen verbeteren is uw reactie zeer waardevol. Heeft u aanmerkingen of suggesties voor verbeteringen of bent u een fout tegen gekomen? Laat het ons weten.